REDENEN VOOR PARTNERSCHAP
Wanneer u een fiscaal partner heeft, doet u gezamenlijk aangifte inkomstenbelasting. Hierdoor kunt u bepaalde aftrekposten en vermogens onderling verdelen. Denk hierbij aan de hypotheekrenteaftrek of aan de heffingsvrije grens bij het vermogen in box 3. Dit zorgt ervoor dat u mogelijk minder belasting verschuldigd bent.
EINDE PARTNERSCHAP
Het fiscaal partnerschap eindigt op het moment dat u niet langer op hetzelfde adres staat ingeschreven volgens de GBA én een verzoek tot echtscheiding, respectievelijk tot scheiding van tafel en bed heeft ingediend.
Het fiscaal partnerschap eindigt wanneer u niet langer op hetzelfde adres staat ingeschreven volgens de GBA.
Wanneer u gedurende het jaar uit elkaar gaat, kunt u er voor dat jaar voor kiezen om het gehele jaar te worden beschouwd als fiscaal partner.
DE EIGEN WONING BIJ ECHTSCHEIDING
Op het moment dat het fiscaal partnerschap eindigt zal het nodige wijzigen. Zo ook omtrent de eigen woning.
Verlaat u de eigen woning? Dan kunt u de eigen woning nog maximaal twee jaar als eigen woning aanmerken. U mag de hypotheekrente, afhankelijk van uw deel van het eigendom, blijven aftrekken. Deze tweejaarstermijn vangt aan op het moment dat u de woning verlaat en de woning niet langer als uw hoofdverblijf kan worden aangemerkt.
WAARDERING VERHUURD ONROEREND GOED IN BOX 3 NIET TEGEN WOZ-WAARDE
Bent u in het bezit van verhuurd onroerend goed? Dan wordt hierover in beginsel belasting geheven in box 3. Tenzij sprake is van meer dan normaal vermogensbeheer. In dat geval worden de opbrengsten uit de verhuur belast als resultaat uit overige werkzaamheden in box 1. In deze bijdrage zal worden ingegaan op de waardering van verhuurd onroerend goed in box 3.
WAARDERING VERHUURD ONROEREND GOED
De WOZ-waarde van het verhuurd onroerend goed vormt het uitgangspunt voor de waardering in box 3. Echter mag voor verhuurde woningen rekening worden gehouden met de leegwaarderatio. In feite wordt de WOZ-waarde gecorrigeerd. De WOZ-waarde wordt vermenigvuldigd met de leegwaarderatio. Deze ratio wordt bepaald door de jaarhuur af te zetten tegen de WOZ-waarde (zie hiervoor onderstaande tabel).
Let op! Indien sprake is van een onzakelijke huur, wordt uitgegaan van een huur van 3,5% van de WOZ-waarde.
WOZ-waarde van een box 3-woning bedraagt € 250.000. Hierover is, afhankelijk van de hoogte van het overige box 3-vermogen, € 1.340 tot € 3.960 aan inkomstenbelasting verschuldigd.
Stel dat deze woning wordt verhuurd. De maandelijkse huur van de woning bedraagt € 800. De jaarhuur bedraagt dan 3,84% van de WOZ-waarde. De leegwaarderatio bedraagt volgens de tabel in dat geval 62%. De in box 3 in aanmerking te nemen waarde is dus € 155.000 (€ 250.000 x 62%). Hierover is € 831 tot € 2.455 aan inkomstenbelasting verschuldigd, een besparing van € 509 tot € 1.505.